Veel mensen kennen het onderduikershol in Valthe. Het hol is vorig jaar gerestaureerd. Maar er is ook nog een tweede onderduikershol, een paar honderd meter verderop. Dat hol werd lange tijd geheim gehouden, maar is nu voor iedereen toegankelijk.

Amateuronderzoeker Johan Withaar is bezig met een boek over de periode dat er in totaal zestien joden tijdens de Tweede Wereldoorlog ondergedoken zaten in het Valtherbos. Withaar wist dat er ook een tweede hol moest zijn, maar waar was een raadsel. Tot hij in contact kwam met de in 2017 overleden verzetsstrijder Aaltjo Oldenburger.

Letter A

"Oldenburger had na de oorlog de letter A in een boom gegraveerd. Vanaf dat punt is het dertig meter het bos in voor je bij het hol uitkomt", legt Withaar uit. "Dat blijkt nu precies te kloppen."

Voor Withaar was het een emotioneel moment toen hij de plek vond. "Dit is de plek waar ze in spanning zaten. Waar ze misschien wel ruzie maakten om een stukje vlees. Waar ze misschien ook wel vrolijke momenten hebben beleefd. Dit is de plek waar het allemaal is gebeurd."

 

Onderduiken

In het najaar van 1942 moeten alle joden in Emmen zich verplicht melden om, zogenaamd, te gaan werken in een werkkamp. Degenen die zich melden komen om het leven in een vernietigingskamp. Enkelen duiken onder en komen bij kippenboer Bertus Zefat in Valthe terecht. Toen het daar niet veilig bleek, vluchtten ze het bos in en maakten een hol.

Na negen maanden, in september 1943, werd het hol ontdekt. "Er woonde hier een oude man in de buurt en die wist waarschijnlijk niet het verschil tussen iets vertellen en verraden. Binnen een dag vond er al een razzia plaats door de Duitse politie met honden", vertelt Withaar. "De joden moesten vluchten. In november 1943 is enkele honderden meters verderop begonnen met het graven van het tweede hol. Daar hebben uiteindelijk dertien onderduikers gezeten, tot de bevrijding van Valthe op 11 april 1945."

 

Verkleed over straat

Tijdens zijn onderzoek kwam Withaar erachter hoe de onderduikers leefden en hoe het hol was ingericht. "Het hol was 9 bij 4 meter. Voorin was het leefgedeelte en achterin waren de slaapplaatsen. In de wand zaten een paar sinaasappelkistjes, waarin ze wat dingen konden opbergen. Verder hadden ze een simpele houten bank en een kacheltje."

(verhaal gaat verder onder de foto)

Verzetsstrijder Aaltjo Oldenburger markeerde een boom in de buurt van het tweede onderduikershol met een A
(foto: RTV Drenthe / Vera Beuke)

Het gevaar lag altijd op de loer, maar toch las Withaar ook dat er tijd was voor ontspanning. "Toen het sneeuwde hebben ze hier wel een sneeuwballengevecht gehouden. En Sinterklaas was de mooiste tijd van hun leven. Dan werden ze verkleed als Sinterklaas en zwarte piet en gingen ze gewoon over straat, want dan waren ze niet herkenbaar."

 

Geheim

De exacte locatie van het tweede hol werd lange tijd geheim gehouden, uit angst dat mensen de plek zouden vernielen. Maar nadat Withaar de locatie had gevonden, zette hij zich in om de locatie toegankelijk te maken. "Het maakt onmiskenbaar onderdeel uit van de hele geschiedenis van de onderduikers in dit bos. Het verhaal zou niet compleet zijn als we niet wisten waar dit lag." Samen met onder andere Staatsbosbeheer en de gemeente Borger-Odoorn werd besloten de plek openbaar te maken.

Nu ligt er vanaf de A-boom een pad naar het onderduikershol, waar ook een informatiebord staat. Er zijn geen plannen om het tweede onderduikershol te restaureren. "We hebben bij het eerste hol een prachtige herdenkplek met een monument", zegt Withaar. "Met dit hol willen we het vergankelijke leven illustreren. Het hol zal langzamerhand dichtgroeien."
Renovatie onderduikershol Valthe voltooid: 'Het verhaal moet verteld blijven worden'