WINTERSWIJK CORLE - In de zomer van 1942 besluit een groep Winterswijkse Joden onder te duiken. Met behulp van boeren bouwen ze een onderkomen in het Korenburgerveen, een natuurgebied en krijgen de onderduikers voedsel. Vanaf september wonen er drieëntwintig mensen in de keet, ze zijn er een paar maanden veilig, tot ze op 27 november 1942 worden ontdekt door de beheerder van het gebied.

De onderduikers hebben veel hulp uit de omgeving gekregen. Boeren die vlak bij het veen wonen brengen de bouwmaterialen voor de keet naar de bouwplaats en helpen bij het bouwen van de barak. Daarna zorgen ze ervoor dat de onderduikers eten krijgen, brood van de Winterswijkse bakker wordt in melkbussen het Korenburgerveen in gebracht.

Fatale inspectie

Op 27 november 1942 trekken twee opzichters van Natuurmonumenten samen met de beheerder het veen in, om de houtstand in het gebied te inspecteren. Zo krijgen ze de barakken in het oog en zijn de Joden ontdekt. Nog dezelfde dag worden ze opgepakt onder leiding van de Winterswijkse politie-inspecteur Feberwee enmarechaussee-commandant Slotboom, en met een wagen zijn ze naar het Feestgebouw in Winterswijk gebracht.

Zes mensen weten te ontsnappen: Hartog Meijler vlucht het veen in, zijn zussen Emmy en Lenie ontkomen uit het Feestgebouw. Zij overleven de oorlog op een onderduikadres in Vlaardingen. Ook Paul Romann, Wolfgang Maas en Stella Meijers vluchten, maar worden later in de oorlog alsnog opgepakt. Op 28 november worden de overgebleven zeventien mensen overgebracht naar Westerbork, na een korte tijd in het doorvoerkamp zijn ze op 8 december naar Auschwitz gedeporteerd. Daar zijn ze allemaal vermoord. 

Hartog Meijler vertelt aan het Erfgoed Centrum Achterhoek en Liemers over herinneringen:

De slachtoffers 

In de jaren negentig is ter nagedachtenis aan de slachtoffers een beuk gepland en een gedenksteen geplaatst. De slachtoffers zijn: het gezin Meijer: vader David, moeder Frieda Meijer-Romann en hun dochters Rositta Beatrix en Emilie Philippine. Moeder Rosetta en zoon Joseph Meijers. De familie Meijler: opa Adolf, vader Salli en zijn vrouw Ida Meijler-Meijers en dochter Rosa Sophie.

Mathilde en Robert Schwarz - Mirjam Schwarz

Het gezin Schwarz: Philip en zijn vrouw Madalena Schwarz-Meijers en hun kinderen Mathilde en Robert. Selma Romann-Hony met haar zoon Paul Romann en haar dochter Rosali en schoonzoon Mozes van der Horst. Stella Meijers en Wolfgang Maas.

Meer informatie over de slachtoffers kunt vinden op www.wehebbenzeallemaalgekend.com en www.joodsmonument.nl